Geschreven door Maarten van Nijmegen – Uitgave: 28 juli 2010 18:08 – Bron: Ajaxinside.nl

“Het is voor mij een droom die uitkomt om voor Ajax te mogen spelen.” Het zouden de woorden kunnen zijn van een aankoop, die zijn carrière voort mag zetten bij onze club. Althans, een jaar of elf geleden. Inmiddels is de kans op dit soort uitspraken nihil, want clubliefde is enkel nog een begrip in de dikke Van Dale. Tegenwoordig onderhandelen zaakwaarnemers de clubkassen leeg.

Je zou bijvoorbeeld toch verwachten dat een aanvaller van AZ, heel erg graag in het mooie Ajax-shirt zou willen spelen.

Niets is minder waar. Mounir El Hamdaoui wil niet koste wat het kost voor Ajax spelen. De Nederlandse spits van Marokkaanse komaf heeft na een mondeling akkoord, zijn woord ingetrokken en is met aanvullende eisen gekomen. De AZ speler wil compensatie voor zijn sportwinkel in Rotterdam, omdat hij denkt daar als speler van Ajax een flinke omzetdaling tegemoet zal kunnen zien. In plaats van trots te zijn om in Amsterdam te mogen spelen, wil meneer El Hamdaoui extra geld voor een winkel in Rotterdam? Terug naar Alkmaar, zou ik zeggen.

“Hij wil ons graag helpen, ik wil hem graag helpen,” zegt Jol afgelopen dinsdag over een eventuele aankoop van Mido. “Maar Mido moet je in een andere context zien, als mogelijke versterking, dan Mounir El Hamdaoui,” vervolgt de oefenmeester. Het klinkt bij mij in de oren alsof we een onhandelbaar oud wijf gaan helpen om zich weer een jaartje in Europa in de kijker te kunnen spelen, om na het seizoen aan zijn dertiende club in dertien jaar tijd te kunnen slijten. Een tweede spits, je weet wel, de plek waar voorheen onze talenten stonden.

Mijn advies aan de clubleiding: laat beide heren toch links liggen. Ga op zoek naar een speler die echt voor Ajax wil spelen. Die speler die je belt en denkt dat een stel vrienden een grap met hem uithaalt. Niet omdat hij het niveau niet aan kan, maar omdat het grote Ajax de club is waar hij altijd van heeft gedroomd.

Ach. Ze zijn er nog wel. Nog niet zolang geleden vertrok er bijvoorbeeld een Deens international bij de naar eigen zeggen “grootste club van Nederland.” Dennis Rommedahl had een goede rol bij het elftal en vroeg een tweejarig contract bij de club. “Als ik moet inleveren, oké, geen probleem. Ik kies niet voor het geld,” zei de aanvaller nog voordat de contractbesprekingen waren begonnen. Maar goed, het beleid stelt dat spelers boven de dertig geen tweejarig contract krijgen. Gevolg is dat we iemand die graag bij Ajax wil spelen laten gaan en tot het uiterste gaan om een speler die enkel voor geld gaat binnen te halen.

Het is graag of niet. Spelers moeten trots zijn om het shirt te mogen dragen, maar de trots om voor Ajax te mogen spelen en te blijven spelen lijkt in veel gevallen verdwenen voor geld.

“Ik heb altijd gedroomd van Ajax. Het eerste voetbalshirt dat ik kreeg was er één van Ajax. Naar Amsterdam gaan voelt toch ook wel een beetje als thuiskomen. Ik wil met Ajax naar de top.” Het was inderdaad een jaar of elf geleden. Op 26 augustus 1999 werd de toen 19-jarige Cristian Chivu gepresenteerd aan de pers.  

Reageren op dit bericht