Gregory van der Wiel, rechtsback van Ajax en het Nederlands Elftal, is nog steeds bezig aan een stormachtige ontwikkeling. Zijn kwaliteiten zijn ook door diverse topclubs niet onopgemerkt gebleven. De Ajacied blijft er echter koel onder: “Die volgende stap komt vanzelf wel een keer.”

Van der Wiel staat inmiddels onder de belangstelling van diverse topclubs uit het buitenland, maar heeft het nog steeds naar zijn zin in Nederland. “De Eredivisie is nog steeds goed voor mijn ontwikkeling, maar het niveau is inderdaad een stuk minder dan bij het Nederlands elftal”, zegt hij in Spits. “In het begin van het trainingskamp moest ik heel erg wennen. Maar na een week had ik zoiets van: ‘heerlijk, ik voel dat ik beter word’. Die volgende stap komt vanzelf wel een keer.”

Zijn doorbraak maakte de jongeling als rechtsback, maar hij fungeerde in de jeugd vooral als centrale verdediger. “Van Basten zette mij tijdens een training ineens rechtsback. Ik voelde toen gelijk: hier liggen meer mogelijkheden voor mij om door te breken”, vertelt Van der Wiel. “Die positie past beter bij mij dan in het centrum, waar ik altijd het gevoel had dat ik werd beperkt.”

“Ik wilde meer voor het elftal beteken, maar ik kon het niet”, vervolgt de achtvoudig international. “Vanuit het centrum moet je de bal vaker direct inleveren. Rechtsback past beter bij me, omdat ik daar kan opkomen, voorzetten kan geven en kan scoren. Ik heb dus veel aan Van Basten te danken.”

Reageren op dit bericht